Overlijden in Nederland

Een van de meest schokkende ervaringen voor een Poolse in Holland is wel een Nederlandse begraafplaats. Daar is geen plaats voor weelderige grafstenen, dure marmeren en plastic bloemen of kransen, waarmee Polen zo graag de graven versieren. Maar de grote verrassingen zijn zeker de seculiere decoraties, die in Polen ondenkbaar zijn.

Dit is niet het enige dat Nederlandse begrafenis onderscheidt, er is meer dat de aan-dacht waard is. Er is een grote verscheidenheid aan seculiere begrafenisceremonies, wat in Polen niet voorkomt wegens het gebrek aan infrastructuur, zoals aula’s, wat (in Polen) niet-gelovige families dwingt formeel tot de kerk behoren om een ordentelijke begrafenis te kunnen regelen.

Rond het overlijden – vroeger

Net als in elk ander land zijn er ook in Nederland verschillende tradities, ceremonies en bijgeloven. Veel daarvan zijn al geschiedenis geworden, hoewel in sommige plattelands gemeenschappen die oude gewoontes nog steeds worden beoefend. Aan de andere kant, sterven er steeds meer mensen in verpleeghuizen, dus het is niet nodig om de tradities te ontwikkelen die zijn ontworpen om huis en haard te beschermen tegen de invloed van „den Boze”.

Dat was de zorg van de Nederlanders in de vroegere tijd, waardoor ze alle slapenden in het huis onmiddellijk, na het overlijden van een bewoner, wekten. Zoals bekend zijn slapende zielen weerloos, zodat de dode hen achter zich mee kon slepen. Om dezelfde reden werden de ogen van de overledene gesloten en werden er zelfs munten op gelegd – opdat de dode die „naar iemand staarde’ niet één of meer van zijn huisgenoten met zich kon meenemen. Zodra iemand zijn ogen voor altijd sloot, werden de buiten-ramen geopend, zodat de ziel van de overledene het huis vrij kon verlaten. Na een paar uur werden ze zorgvuldig weer afgesloten, voor het geval de ziel zich zou bedenken.

De tekenen van de dood (de ramen afgedekt met pier witte lakens), zijn nog steeds gebruikelijk in sommige plaatsen. Het doel daarvan was het huis te beschermen tegen de mogelijk kwade invloed van de ziel van de overledene. Die lakens werden pas na de begrafenis verwijderd. Een andere vorm van dit gebruik is het zorgvuldig sluiten van de schuifgordijnen achter de ramen. De spiegels werden afgedekt of naar de muur ge-draaid (dit was niet alleen een Nederlands gebruik), zodat de ziel het beeld van de levenden niet zou kunnen stelen, wat tot hun vroegtijdige dood zou kunnen leiden. De kist moest voortdurend bewaakt, noodzakelijkerwijs zelfs met een lamp verlicht, worden om het kwaad weg te houden. Het was niet toegestaan om hard te spreken; de slaande klokken werden gestopt, zodat de overledene niet zou beseffen dat, ook zonder hem, het normale leven voort zou gaan.

Het „blinderen” van de ramen, ze decoreren met geschikte houten borden of kruisen, was slechts één van de vormen van overlijdensinformatie. Op het eiland Urk behoorde het tot de taken van de dominee om de familie te informeren. Als de predikant door de straten liep, werden gesprekken gestaakt en de mensen in de huizen werden vervuld van angst, als de dominee in hun richting ging. Als hij dan tenslotte eraan voorbij ging haalden de mensen, met een diepe zucht weer adem. Zo ontstond de uitdrukking „er gaat een donimee voorbij” die gebruikt wordt als er een stilte in een discussie valt. De rol van aanzegger werd ook wel toevertrouwd aan een vriend, een familielid of buur-man. Gekleed met een driehoekige gevederde hoed, dwaalde hij dan met het droevige nieuws van huis naar huis, waarbij hij dan iets te eten en te drinken (alcohol) kreeg.

De overlijdensgebruiken, bij de vrouwen, omvatten ook het zogenaamde doodshemd of lijkhemd. Dit was geen overhemd dat speciaal voor de doodskist werd genaaid, maar het hemd dat de bruid op haar huwelijksnacht droeg. Slechts een keer gedragen en gewassen, wachtte het in de kast tot dood van de vrouw en werd ze er mee gekleed in de kist gelegd. De bruid behoorde haar voorletters, met één naald en één draad, er op te borduren. Na haar dood werd die naald in tweeën gebroken en in de kist geplaatst of in een vuur verbrand. Alle kleding van de overledene moest zo snel mogelijk gewassen worden en … één maand lang mocht het door geen ander gebruikt worden. Bijzondere regels bepaalden de vormen in de rouwperiode: weduwen en weduwnaars moesten zich aanvankelijk voor de rest van hun leven, in zwarte kleren aankleden. In latere tijden was dat zeven jaar. Vrouwen mochten alleen strikt bepaalde sieraden dragen. Ook was er een bijgeloof dat jongeren (in de naaste familie) in de rouwperiode verliefd geworden, geen kans hadden op een gelukkig huwelijk.

Na het verlaten van het huis op weg naar het graf moest de deur, van waaruit de kist werd weggedragen, geopend blijven tot de rouwenden terugkeerden. Veel huizen op het platteland waren gebouwd met een aparte deur voor dit doel, hetzelfde geldt voor kerken. De kist werd gedragen door de buren – als de dode een man was, droeg men de kist op de schouders, was het een vrouw, dan werd hij in hun handen gedragen. De doden moesten zo snel mogelijk begraven worden. Tot en met 1990 had (Nederlands recht) de stoet naar het graf voorrang op de wegen. Een oude Friese gewoonte, die tot en met vandaag overleeft heeft is, een drievoudige ommegang rond de kerk met de doodskist om terugkeer van de ziel van de overledene te voorkomen.

Rondom het overlijden – huidige tijd

De meest gebruikelijke manier om het overlijden te melden binnen het gezin en de vriendenkring (indien er geen mail of telefoon wordt gebruikt) is het sturen van een speciale, zwart omrande kaart, met persoonlijke gegevens van de overledene (naam, datum en plaats van de geboorte en overlijden) en de begrafenis informatie (datum & plaats van overlijden  met datum & locatie van de begrafenis). Het is een Nederlandse specialiteit om gepaste poëtische citaten of zeer persoonlijke verwijzingen naar pijnlijke verliezen er bij te plaatsen. De geadresseerde verzendt zijn medeleven of brengt het persoonlijk in huis van de overledene (als de familie zich niet tegen dergelijke bezoeken verzet).

Begrafenisceremonies vinden meestal plaats in speciale aula’s, wat vooral verband houdt met de grote populariteit van de crematie (gekozen door ongeveer 60% van de Nederlandse burgers). Dit is niet zo verwonderlijk gezien de zeer hoge kosten die betaald moeten worden voor het graf. Op de duurste begraafplaats in Nederland, Esserveld in Groningen, kost het 30.000 euro voor 30 jaar en de goedkoopste – Littenseradiel in Friesland – slechts 456 euro voor 20 jaar. Sinds 1991 kan een urn thuis worden bewaard, maar het is ook mogelijk om de as te verspreiden. Het is nogal kostbaar, aangezien de grondeigenaren, zoals de gemeente, tot 1.000 euro daarvoor kunnen vragen! Interessante opmerking: As kan pas na een maand uit het crematorium worden meegenomen – tot dan moet het voor de politie beschikbaar zijn (in geval van moord, etc.).

De rouwceremonie in het crematorium is nogal bescheiden. Gasten luisteren naar relevante toespraken. (De ceremoniemeesters zijn vaak studenten, het is voor hen een populaire vorm van geldverdienen) en muziek. (De meest populaire begrafenislieden zijn: „Time to Say Goodbye” van Andrea Bocelli & Sarah Brightman, Eric Clapton’s „Tears In Heaven” en „Afscheid Nemen Bestaat Niet” van Marco Borsato). Als de kist in de oven verdwijnt, wordt het rouwbezoek verzorgd met een kopje koffie en een broodje of taart (alcohol is er niet gewenst). Alles duurt minder dan een uur. Onlangs is een gebruiksaanwijzing voor deze ceremonie verschenen, daardoor kunnen families ongeveer 1200 euro besparen. (De kosten van de hele begrafenis kunnen oplopen tot wel 5000 euro).

Interessante opmerking:

In 2002 vormde de dichter, fotograaf en muzikant Frank Starik de zogenaamde „Poel des doods”  een vereniging van dichters die begrafenisgedichten regelen en afleveren voor degenen die alleen zijn en geen nabestaanden hebben.

Hier is een beschrijving van een seculiere begrafenisceremonie, geschreven door een lezer van nasza-holandia.pl

 […] de gehele ceremonie vond plaats op het landgoed van de overledene en werd door een vrouw uitgevoerd, alsof er een bedrijf was ingehuurd was en dus niet door een priester … We zaten allemaal onder een grote tent, met melancholische muziek die op de achtergrond speelde, later sprak de dame, gevolgd door de familieleden van de overledene. Ik was erg verrast door zo’n begrafenis.

Op de begraafplaats

De houding van de Nederlanders ten opzichte van graven en begraafplaatsen wordt grotendeels toegeschreven aan hun calvinistische manier om hun herinnering aan de doden te verwerken. Hun overblijfselen zijn niet significant; wat echter wel telt is de aanwezigheid in hun bewustzijn, de herinneringen, overblijfselen en foto’s. Daarom, en om financiële redenen, vinden ze het niet erg om de graven voor 10-20 jaar te huren en daarna de overblijfselen van de familieleden naar een gemeenschappelijk graf over te brengen!

Op Nederlandse begraafplaatsen is de diversiteit van de samenleving ook in de vormen van de wat andere benadering van religie duidelijk zichtbaar. Katholieken begraven hun overledene in traditionele graven, zoals in Polen, de calvinistische worden gekenmerkt door grote eenvoud en stijfheid.

De seculiere graven in hun vorm een zeer grote fantasie en verscheidenheid bij het herdenken van hun doden. Hun kindergraven zijn ontroerend door het speelgoed of de schoentjes. Op de graven van volwassenen zijn de figuren van engelen vervangen door de zaken die hobbies of passies van de overledene aanduiden, zoals speelkaarten, een fles wijn of het beeld van een clown.

Misschien is het vreemd, maar dankzij dat, zijn de doden niet meer anoniem en lijken ze de Aarde toch niet helemaal te hebben verlaten.

Voor Poolse mensen, gewend aan de Poolse graven, vol plastic bloemen en kaarsen, (vaak erg duur) is deze  andere benadering een beetje verrassend. Aan de andere kant – misschien zit er wel veel gezond verstand in. Als iemand in de herinnering voort leeft, zal hij beter overleven dan in zijn graf. Zo niet dan zal hij moeten plaats maken voor zijn opvolgers. Overlijden is nu eenmaal het lot van elk mens …

Foto’s zijn gemaakt door de schrijfster, op de begraafplaats Boveneind in Krimpen aan den IJssel.

Renata Głuszek

Gepubliceerd: 26 october, 2017

Lees ook: Het kistportretDodenherdenking (1 nov.)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.